Zondag 29 April 2007 om 1:46 pm
Eens in het jaar krijgt studerend Enschede en Nijmegen het op haar heupen. Dan is het tijd voor de Grootste Langste en Leukste Estafetteloop ter wereld voor studenten. De Batavierenrace. Voorgaande zin kunt u lezen als: Meer dan 6.000 studenten die zich het snot voor de ogen rennen over een aantal kutafstanden variërend van 3 tot 10 kilometer.
De vraag die daarop automatisch volgt is: hoe krijg je het in alle vrede voor elkaar om zoveel studenten enthousiast te krijgen voor een inspanning die van 00:00 tot 18:00 duurt? Het antwoord is uiteraard: Bier. Veel bier. In een gigantisch afsluitend feest met 10.000 studenten. Raar maar waar en mijn huis is minstens zo enthousiast.
Voor zo’n estafetteloop moeten mensen geronseld worden en als inwoner ben ik automatisch al geannexeerd. Het probleem alleen is: Korretjes van mijn kaliber wandelen nog wel eens actief, maar voor hardlopen, rennen of joggen bedanken ze hartelijk voor de eer. Toch moest er in de geest van ‘gezellig met z’n allen’ gelopen worden. Hoe hou je dan nog vast aan je principes? Gewoon een kwestie van creativiteit met looptijden.
De valse rat in mij bleek gelukkig creatief genoeg te zijn om voor de boeken met een gemiddelde snelheid 11,45 kilometer per uur 7,9 km af te leggen. Hoe je dat doet met die enorme klompen van een Meindl wandelschoenen heeft niemand zich afgevraagd. Hoe dan ook, ik had de volledige afstand gelopen. Mijn bier was verdiend. Min of meer.
Vrijdag 27 April 2007 om 3:22 pm
...je pakket niet ontvangen (wat je uiteraard heel graag wilt hebben) omdat de UPS-meneer de campus niet kan vinden.
Maandag 23 April 2007 om 10:11 am
“Put some God in your Pod” ofwel: het hele Nieuwe Testament voor op je iPod. Clicketh thou heathens!
Zaterdag 21 April 2007 om 10:46 am
Het is vrijdagavond en met het beetje huisgenoten die nog thuis zijn zitten we in de gemeenschappelijke kamer. Lekker languit op de bank met de laptop op schoot en een biertje wat doelloos in het rond surfen of aan de keukentafel proberen je SATA-schijf aan de praat te krijgen binnen je 32bits winxp configuratie. Ieder zijn ding.
Aan het gezucht en gesteun van de tafel achter me hoor ik dat het installeren van de harde schijf niet helemaal volgens planning gaat. de huisgenote naast me kijkt op van haar tijdschrift en we trekken beide onze schouders op. Tijd om beleefd en in het teken van emotionele steun eens te vragen hoe het gaat en wat er aan de hand is.
Met die vraag komt er een stroom aan scheldwoorden vrij aan het adres van respectievelijk de kutpc met die kutwindows en die kutbios die iets wel ziet wat die klote 32bits windows niet kan zien. Elke suggestie wordt verder van de hand gewezen. Niks ‘iets met een jumpertje of zo’. Zelf doen. Ik word resoluut terug naar mijn bank gestuurd.
De overige huisgenoten beginnen, getriggerd door het drama op de keukentafel, hun eigen windowsdoemverhalen te vertellen. Een klaagzang die overgaat in een lofzang voor Linux. Meid, wat moesten we zonder Ubuntu? Ik duik weg achter mijn laptop en hou me stil.
Tegen het einde van de avond kijken we om vanwege een oerkreet die waarschijnlijk een zekere overwinning inhoudt. De pc werkt weer en dat het toch ‘iets met een jumpertje of zo’ was geeft niet meer. Daar moet op gedronken worden. We drinken op de overwinning en Linux. En, voegt een huisgenoot toe, op Kor die de hele avond zijn bek heeft gehouden over de “voordelen” van die Mac van hem.
Maandag 16 April 2007 om 6:15 pm
“Mmm… Heaven…” verzucht Inge terwijl ze haar tuinstoel nog een standje verder naar achteren zet. De kat heeft een plekje onder de rozenstruik uitgezocht. Je waant je vandaag een middag in augustus.
Ik heb mijn balkonnetje ingeruild voor een standplaats in Assen. Manu Chao, rosé, knoflookolijven en ciabatta met tapenade. Ik ben te Bourgondisch om student te zijn.
We zijn blij dat we hier zitten in plaats van Enschede. Geen rondrennende studenten die hun tentamenstress van zich af reageren. Geen drie soorten trance en hardcore die tegen elkaar in gedraaid worden. Hier is zondagmiddag een rustdag en doezelen wij onze uurtjes weg in de zon.
Het rijtjeshuis en de buurt waar ik nu ben is doordrongen van een rust en burgerlijkheid waar ik stiekem jaloers op ben. Dan voelt nog vier jaar studeren best lang voordat je met een relatief goedbetaalde baan hetzelfde leventje kunt leiden.
Inge schenkt me nog eens in en net wanneer ze nog een keer het goede leven hier wil prijzen heeft de buurman van twee huizen verder besloten dat het hoog tijd is om in de volle zon zijn kozijnen te gaan schuren met een oude jengelende bandschuurmachine.
Een beetje gedesillusioneerd kijken we elkaar aan. De utopie van deze zondagmiddag is gelijk verdwenen onder het aritmische gesnerp van de schuurmachine. Dan maar opstaan en toch even de was en de vaat wegwerken. De buurman wordt bedankt.
Volgende keer toch maar weer de campus.
Donderdag 12 April 2007 om 10:31 am
1997. Ik was veertien jaar, een ontzettende puber wiens muzikale voorkeuren gedomineerd werden door de op dat moment lopende hypes en ik was in nog geen microseconde tot in het diepst van mijn ziel beledigd. Ik las de hitkrant en had mijn kamer behangen met posters van een niet nader te noemen meidengroepje.
Ik had een klein vermogen opzij gelegd om een felbegeerde cd in handen te krijgen, ik had de grenzen van financiële steun bij mijn ouders tot het uiterste afgetast en was, niet geheel tevreden, op mezelf aangewezen in deze kwestie. Na aanhoudend spaargedrag kon ik dan eindelijk in het najaar bij de lokale cdboer mijn heilige graal incasseren. Mijn leven zou vast compleet zijn nu.
1997 en een dag later. Terwijl ik mijn gymleraar elke ziekte toewenste die een langzame en pijnlijke dood tot gevolg hadden kwam ik de keuken binnenstampen. Ik zou anno 2007 nog steeds over die kwal heenrijden als ik hem voor mijn auto kreeg, maar dat is een ander jeugdtrauma. Ik stond in de keuken mijn frustraties te spuien terwijl mijn oog viel op mijn tienjarige broertje die met een dubbel cd van Clouseau in zijn handen stond.
Na een spervuur van kritische vragen vertelde broertjelief dat hij deze cd van tien jaar Clouseau van mijn moeder heeft gekregen, dezelfde moeder die pertinent weigerde een armzalig enkel cd’tje voor haar oudste, en belangrijkste, zoon te betalen. Het huis was te klein. Toch kon ik tieren wat ik wilde, ik mocht het doen met de opmerking: Als jouw band tien jaar bestaat krijg je die cd van mij.
Het is 2007. Mijn muzikale voorkeuren zijn een eigen weg gaan vinden, met hier en daar een enkele favoriet. Een van die favorieten heet Alanis Morissette. Zodra ik zag dat die een album had uitgebracht, ter viering van het tienjarig bestaan van haar eerste album, kwam de hierboven omschreven situatie naar boven. Dit weekend zal ik met intens puberaal genoegen eens rond de tafel met mijn lieve moeder. Kijken of haar geheugen net zo goed blijkt te zijn als het mijne.
Vrijdag 06 April 2007 om 1:41 pm
Ja kijk, als je dan als UT-nerdjongetje zo’n poster voor je raam hangt, dan vráág je er ook gewoon om.
Donderdag 05 April 2007 om 3:52 pm
Meneer heeft vandaag z’n hormonen niet op orde of zo…
Woensdag 04 April 2007 om 4:35 pm
Het bevalt me prima, het “studeren” in Twente. Na een jaar op mijn opleiding bleef er toch een hekel puntje over. Hoewel er pc’s op de studie zijn die je prima kunt reserveren blijft het een strijd er een te pakken te krijgen. De machines die je dan krijgt zijn frustrerend traag en een directe een aanslag op je bloeddruk.
Dit kon niet langer, er moesten knopen doorgehakt worden, er moest nu eindelijk eens een notebook komen. Een MacBook wel te verstaan. U weet ook wel dat ik het voor minder toch niet doe. Met afgewende blik (auw, zei de giro) klikte ik op betalen in de Applestore en het afwachten kon beginnen.
Er begon een kleine onrust te groeien. Als ik nou maar niet zo’n pedante mac-switch-zeloot word. Zo’n macgebruiker met een spreekwoordelijke tunnelvisie die over niets anders doorzaagt dan die fantastische Mac van hem met dat fantastische besturingssysteem en dat je niets anders meer nodig hebt in je leven. Ik ben al een gestopte roker, macfanatisme zou funest zijn voor mijn vriendenkring.
Vrijdagmiddag. Als een bloedhond bleef ik de weg afspeuren naar de TNT bezorger (op zo’n moment valt het je op hoeveel verkeer er eigenlijk wel niet is op zo’n bosweg) welke bijna besprongen werd toen hij eindelijk aankwam met mijn felbegeerde pakket. Mijn weekendje nerden kon beginnen.
We zijn nu twee weken verder en de pc staat reeds in het verdomhoekje. Het ding doet alleen nog dienst als ftpserver voor de campusnetlozen. Ik heb mijn best gedaan het niet te worden. Ik doe mijn best om de attitude te verdrukken, maar helaas. Ik ben verliefd en een overenthousiaste switcher. Klaag me maar aan.